Welkom » Inleiding

Inleiding van Leela, het Spel van de Zelfkennis
Auteur: Harish Johari. 
Vertaald door Robert Hartzema
Eindredactie: Garsett Larosse

Harish Johari

 Oorspronkelijk werd dit spel Gyan Chaupad, Spel der Kennis genoemd naar de letterlijke betekenis ervan (Gyan = kennis, Chaupad = een spel dat gespeeld wordt met een dobbelsteen). Het spel was door zieners en heiligen ontworpen als een sleutel tot de innerlijke gemoedstoestanden van de mens en om de grondbeginselen te leren van de wijsheid — dharma(1) — die gewoonlijk Hindoeïsme wordt genoemd. Met zijn slangen en pijlen en de 72 vakjes die de 72 vlakken van het bestaande voorstellen, bevat het spel de sleutel tot de oude Indiase geschriften, de Veda’s(2), Shruti’s(3), de Smiriti’s(4) en Purana’s(5). Het spelen van dit spel is als het spelen met de goddelijke kennis zoals die gevonden wordt in de Yogaleer(6), de Vedanta(7), de Bhakti Yoga (8) en Samkya(9), die in het geheel van de hindoe traditie een grote rol spelen als filosofie en ook als manier van leven.

In het begin van het spel beweegt men zich vanzelf over de verschillende vakjes van het bord. Iedere vakje draagt een naam die betrekking heeft op een innerlijke staat en op het niveau waarop men leeft. Iedere naam zet de speler aan het denken en zolang hij op dit vakje staat, wordt zijn bewustzijn ertoe aangezet om hierover na te denken en zich af te vragen wat het begrip betekent dat achter dit woord verborgen is. Na korte tijd begint het spelbord met het verstand en het bewustzijn van de speler te spelen, evenals met zijn Ego, het sterke gevoel van zijn eigen identiteit, het Ik van de speler.

Noch de ontwerper van dit spel dat wij nu Leela noemen, noch de tijd waarin het ontstaan is, is bekend. Als algemene regel in de Indiase literaire traditie beschouwt men de naam van de schrijver als onbelangrijk. Hij is slechts de pen in de hand van God, een werktuig tot uitdrukking, en daartoe hoeft zijn naam niet bewaard te blijven. De invloeden in het woordgebruik van het spel wijzen echter op een ouderdom van minstens 2000 jaar.

Het exemplaar dat de basis vormt van deze commentaren was al meer dan 150 jaar geleden in het bezit van de familie van de auteur van dit boek, die in Uttar Pradesh woonde. Momenteel heeft de auteur een ouder maar onvolledig exemplaren van het spel bord in zijn bezit dat hij van een antiquair in Rajastan heeft gekocht. Dit spelbord is wel veel ouder maar omdat het onvolledig is, is het niet gebruikt om deze versie van de commentaren te schrijven.

Oorspronkelijk hoorde bij het spelbord een boek met gezangen in versvorm. Na iedere worp van de dobbelsteen zong de speler het juiste gezang voor het vakje waar hij op terechtgekomen was. Dit gezang beschreef de aard en de betekenis van de staat die door het vakje op het bord werd voorgesteld.

Helaas is het boek met verzen zoekgeraakt en werd het noodzakelijk om een commentaar te schrijven waardoor de samenhang van de filosofische ideeën die door de namen op de vakjes werden aangeduid opnieuw duidelijk gemaakt zou worden. En eveneens om de manier uit te leggen waarop het spel bord gebruikt zou kunnen worden door hen die geïnteresseerd zijn om het te spelen en te leren kennen. Elke aanduiding in het Sanskriet op het oorspronkelijke spelbord staat echter voor een duidelijk omschreven betekenis in het geheel van de traditie waaruit dit spel ontstaan is. Het commentaar is gedeeltelijk geschreven vanuit deze begrippen en gedeeltelijk vanuit de kennis die bewaard bleef bij de oude heilige mannen die dit spel nog gespeeld hadden toen zij jong waren. Deze informatie en de vaststaande begrippen die in het spel gebruikt worden, vormen samen met de kennis die de auteur binnen zijn eigen familietraditie opdeed de basis voor dit boek over het spel.

De ontwerpers van dit spel zagen het voornamelijk als een mogelijkheid om de relatie tussen het individuele ik en het absolute ik te leren begrijpen. Wanneer het op dit niveau wordt gespeeld, geeft het de speler de mogelijkheid om zich te bevrijden van de illusie dat zijn eigen persoonlijkheid een vaststaand iets is. Hij leert het leven zien als een uitdrukking van de macrokosmos. Niet zijn identificaties maar het spel van kosmische krachten bepaalt het vallen van de dobbelsteen wat op zijn beurt houten verloop van het spel van het leven bepaalt. En als doel van dit spel ziet hij niets meer of minder dan de bevrijding van het bewustzijn uit de valstrik van de materiële wereld en het samenvloeien met het Kosmische Bewustzijn.

In dit spel wordt de mens niet alleen maar beschouwd als een toevallige kosmische gebeurtenis. Hij is de onsterfelijke speler in het spel van kosmische energieën, het Goddelijke Spel, Leela. En net als in elk spel volgt ook het spel van kosmische energie bepaalde regels, en de beste speler is degene die deze regels kent.

Evenals een waterdruppel uit de oceaan alle elementen bevat die, in de oceaan — die zijn oorsprong was — aanwezig zijn, zo is ook het menselijk bewustzijn een microkosmische manifestatie van het universele bewustzijn. Alles wat een mens zou kunnen weten is al latent in hem aanwezig, want alles wat een mens ervaart is het product van zijn eigen zintuigen.

Alles wat er gebeurt in de wereld die wij waarnemen prikkelt de vijf zintuigen, de oren, de huid, ogen, tong en neus. Deze geprikkelde zintuigen zetten op hun beurt een biochemisch proces op gang dat via het centrale zenuwstelsel als wisselende elektrische spanningen in de hersenen werkzaam wordt. Deze werking van elektrische energie is de grove manifestatie van dat aspect van het bewustzijn dat wij de geest (mind in het Engels, manas in het Sanskriet) noemen.

De geest geeft deze zintuiglijke gegevens door aan het verstand (intellect, buddhi in het Sanskriet) die de waarde ervan bepaalt en ernaar handelt. Het is uit deze zintuiglijke waarnemingen dat de begeerten ontstaan. En deze begeerten zijn de essentie van het Spel, want de speler zou niet spelen wanneer hij daar geen behoefte toe voelde. De begeerten zijn de motieven van het leven. De mens leeft om zijn begeerten te bevredigen.

De begeerten kunnen, afhankelijk van hun aard, in drie groepen verdeeld worden: lichamelijke, sociologische en psychologische begeerten. De lichamelijke begeerten zijn die welke nodig zijn voor het instandhouden van het lichaam. Eten, drinken, slapen en seks zijn de voornaamste lichamelijke behoeften. De sociologische begeerten zijn de lichamelijke begeerten die gekleurd worden door de sociologische omgeving. Liever dan eeéén huis heeft men er vijf. Men heeft maar één huis nodig, maar de behoefte aan meer is een sociale aankleding. De begeerte naar luxe en een betere status in de maatschappij Diemen gemakkelijk kan verwerven door het uitstellen van zijn eigendommen is iets sociaals, en deze begeerten zijn in ieder deel van de wereld verschillend.

Psychologische begeerten ontstaan uitsluitend uit de behoefte om zich te identificeren, uit het ego. Maar ook de behoefte naar innerlijke groei en geestelijke verworvenheden is een product van dit ego, dat weet dat men langs deze weg zonder ego kan worden.

De lichamelijke behoeften worden door elke samenleving erkend en geen enkele belemmering wordt de vervulling ervan in de weg gelegd. Sociale begeerten zijn in iedere samenleving verschillend en psychologische begeerten gelden algemeen op deze hele planeet en omvatten iemand’s complexen en prestaties, onrust en eer, vreugde en trauma's.

Al deze begeerten ontstaan uit de zintuiglijke waarneming en uit de werking van dat wat wij de geest noemen, en allen zijn ze terug te voeren tot biochemische staten in het organisme. Omdat zij eveneens als zodanig werkzaam zijn mama kunnen deze begeerte ook in het lichaam worden opgewekt door de chemicaliën die wij binnen krijgen door het eten van voedsel, kruiden en specerijen.

De lichamelijke begeerten worden ook wel ‘dierlijke’ begeerten genoemd omdat de mensen ze gemeen heeft met de dieren. Psychologische begeerten worden daarentegen de ‘hogere’ begeerten genoemd omdat de zij betrekking hebben op de gehechtheid van de mens en het gevoel van bevrediging dat ontstaat uit de totale identificatie met dat wat begeerd wordt.

Maar wat ook de oorsprong ervan is, de mens bevredigt zijn begeerten door middel van zijn vijf werkzame organen, Zijn handen, voeten, mond, geslachtsorganen en anus. Dit gebeurt echter pas wanneer de oorspronkelijke ervaring, die de aanleiding vormde, het mechanisme van de geest en het verstand heeft gepasseerd.

Elke handeling roept echter een reactie op en de kwaliteit van de handeling bepaalt de kwaliteit van de reactie. De reacties op iemands daden zijn de veranderingen in zijn eigen bewustzijn. Negatieve daden verstrikken de mens, positieve daden maken hem vrijer. "Zoals wij zaaien, zullen we oogsten” staat er in de Bijbel en dit gezegde wijst eveneens naar de wet van het handelen, de wet van het Karma.

Elke handeling die de mens onderneemt is juist, zolang hij zich realiseert dat al zijn daden een zaad kunnen uitzaaien dat in geen jaren vrucht zal voortbrengen. De vruchten van onze daden Zijn misschien niet eens in dit leven zichtbaar maar kunnen in een volgende reïncarnatie naar boven komen. En het zijn onze daden (karma) uit het verleden die de loop en de persoonlijke ontwikkeling van de mens bepalen.

De werkelijke taak van de speler is om dit karma te herkennen en de invloed ervan op zijn leven te zien. Vanuit dit inzicht komt de kennis die noodzakelijk is om het bewustzijn van zichzelf op een hoger plan te brengen. Dit is ook de taak die door de Karma Yoga10 wordt gesteld. En de waarneembare wereld is het toneel waarop dit goddelijke spel van het karma zich afspeelt.

Om de zichtbare wereld te begrijpen moeten wij ontdekkers van onszelf worden en de structuur van ons eigen bewustzijn leren kennen. De vlakken waarop wij ons hele leven doorbrengen, de slangen die ons naar beneden trekken en de pijlen die wij vinden bij ons zoeken. Het is hierin dat het spel Leela zijn hoogste doel vervult, want het is een landkaart van onszelf, het speelveld van het Ene-Wordt-Veel.

 

(1) Dharma is datgene wat als wet inherent is aan de natuur van alle bestaande verschijnselen, dat wat de mensen ondersteunt en samenbindt. Het is niet slechts een geheel van overtuigingen die geen relatie hebben met het dagelijks leven, maar meer een geheel van grondbeginselen voor een harmonisch en nuttig leven. De etymologische betekenis van het woord dharma is ‘dat wat samen bindt’.

(2) De Veda's zijn de volmaakte goddelijke kennis die in alles aanwezig is en alles wat bestaat ondersteunt. Deze kennis wordt direct verwezenlijkt door de Rishi’s (heiligen, zieners, meesters, yogi’s) in een staat van samadhi.
Dit is een veranderde staat van bewustzijn die verschilt van het dromen, slapen of wakker zijn. Het wordt geacht de hoogste staat van het bewustzijn te zijn waarin de zuivere verlichting en gelukzaligheid aanwezig zijn.

Deze kennis is vastgelegd in vier geschriften: de Rig Veda, Yajur Veda, Same Veda, en Atharva Veda. En iedere Veda wordt gewoonlijk in drie gedeelten verdeeld:
- Samhita, de verzameling hymnen en mantra’s
- Brahmana’s, die de voorschriften bevatten voor het toepassen van de mantra’s en de ceremonies. Het zijn verhandelingen over rituelen, afgewisseld met veel verduidelijkende verhalen, filosofische opmerkingen en diepzinnige ideeën.
- Oepanishaden, de filosofische verhandelingen die gebaseerd zijn op de uitleggingen die er door de Rishi’s aan gegeven werden, aan wie deze kennis werd geopenbaard.

(3) Shruti zijn de kosmische geluidsfrequenties die in de kosmos aanwezig zijn als de gezangen en die aan de heiligen werden geopenbaard. Zij bevatten de kennis van het systeem waardoor de energieën bij het ontstaan van het heelal door het kosmisch bewustzijn werden bezield en nog steeds worden bestuurd. De Veda’s zijn shruti’s.

 

(4) Smiriti is de praktische toepassing van de goddelijke kennis en de wetten die aan alle dingen eigen zijn. De geschriften bevatten de wetten die het leven goddelijk maken. Er zijn vele smiriti maar de belangrijkste die ook het meest worden aangehaald zijn: Yagya Valka Smiriti, Many Smiriti, Shamkya Smiriti en Parashara Smiriti. De Veda’s zijn Shruti en alle boeken over de wet van dharma zijn smiriti en hiervan uit is de voornaamste structuur van de hindoe traditie opgebouwd door de heiligen.

 

(5) Na de Shruti’s en Smiriti’s komen de Purana’s, de verhalen van de mensen wiens leven een afspiegeling is van de toepassing van de wet van Dharma in die in hun handelen de filosofie van de Veda's duidelijk maken. Het zijn allegorische verhalen die deze hoogste leer op een menselijke manier uitleggen. Daarom worden de Purana’s ook wel de vijfde Veda genoemd.

 

(6) Yoga betekent letterlijk samenvoegen, éénmaken, toevoegen, eenheid. Het is de wetenschap van de innerlijke groei die rust geeft en het vermogen ontwikkeld om de gedachten stroom te stoppen die de wortel is van alle ellende, het lijden en de pijn. Het geeft de mogelijkheid om uit te stijgen boven het gebied van de zintuigen, en op één ding gericht te zijn, met onverdeelde aandacht, in voortdurende rust en helderheid. Het kent verschillende scholen die aanwijzingen geven en die op hun eigen eenvoudige manier methoden verenigen van zon- en maanprincipes, het beheersen van het autonome zenuwstelsel, enzovoort). Ruwweg kan de yoga in drie taken verdeeld worden: Karma Yoga (de yoga van het niet op zichzelf gerichte handelen), Gyan Yoga (de yoga van het stoppen van gedachtenstromen door het ontkennen ervan en het zo bereiken van de hoogste waarheid) en Bhakti Yoga (de yoga van de toewijding, de liefde en de overgave).


Beroemde Yoga scholen zijn:
- Raya Yoga, de yoga van het achtvoudige pad:
1. Yama: verdraagzaamheid, zelfbeheersing, seksuele onthouding, vriendelijkheid en geen geweld. 2. Niyama: religieuze voorschriften, liefdadigheid, soberheid, studie van de geschriften, toewijding.
3. Asana: lichaamshoudingen.
4. Pranayama: beheersen van de ademhaling.
5. Pratyahar: zich terugtrekken.
6. Dharana: concentratie van de geest op één ding

7. Dhyana: ononderbroken meditatie
8. Samadhi: eenheid, een staat zonder dualiteit
- Hatha Yoga, de yoga die zich bezighoudt met het oefenen van de zintuigen door het werken met 
het lichaam. Dit helpt bij het bereiken van het doel dat in de Raja Yoga wordt gesteld.
- Naad Yoga: de yoga die zich bezighoudt met de geluiden van de innerlijke wereld.
- Laya Yoga en de kosmische geluiden. Dit staat ook bekend als Kriya yYoga of Kundalini Yoga.

(7) Vedanta is de filosofische leer die ook bekendstaat als Uttar Mimansa (latere gesprekken) ien die het Indiase denken tot in de huidige tijd overheerst. Vedanta houdt zich bezig met de aard van de mens zelf en met het onderscheid tussen werkelijk een onwerkelijk. Het geeft een uitleg van de eenheid in verscheidenheid en de kennis der dingen. Het leert om het idee van het individuele ik dat een werkelijkheid op zichzelf lijkt te zijn te ontwikkelen tot het idee dat het ik een deel is van het hoogste Ik, de Brahman, in dat hij één kan worden met Hem en ten slotte dat hij zelf het kosmisch bewustzijn is en altijd geweest is en slechts van zichzelf versluierd wordt door zijn onwetendheid. Vedanta is de wetenschap van het ik zonder eigenschappen en leert ‘Dat bent U’.

(8) Bhakti Yoga is de yoga van universele liefde, toewijding en overgave.

(9) Samkya is een systeem van getallen dat in de eerste plaats een verslag geeft van ‘hoe’ de schepping begonnen is. Het heeft betrekking op de evolutie van de geschapen wereld.

(10) Karma Yoga is de yoga van het niet op zichzelf gerichte handelen. Karma betekent handelen, daden. Deze daden betreffen alles wat iemand vanaf zijn geboorte tot zijn dood verricht. Iemand die zijn karma vervult vanuit een gehechtheid gebruikt elk middel om zijn eigen doel te bereiken en in zijn egoïsme berokkent hij veel kwaad aan anderen. Iemand die niet aan zijn daden is gehecht en zijn daden verricht omdat zij onvermijdelijk zijn, vervult het karma met een belangeloze belangstelling en wie zo handelt gebruikt niet de verkeerde middelen. Het karma dat op de juiste manier wordt vervuld schaadt niemand en is in overeenstemming met de wet van dharma. Dharma is onafscheidelijk verbonden met iemands eigen natuur wanneer hij het karma vervult dat overeenstemt met de natuurlijke mentaliteit.

Lees meer over de betekenis van het spel

copyright: uitgeverij Made with Love Productions